Benzineprijs Spanje stijgt sterk door crisis in Midden-Oosten
In dit artikel:
Spaanse automobilisten betalen deze week gemiddeld 1,486 euro per liter benzine en 1,441 euro voor diesel, meldt het wekelijkse European Petroleum Bulletin van de Europese Commissie. Dat is de grootste weekstijging van de benzineprijs in ongeveer acht maanden en betekent dat brandstofprijzen in Spanje het hoogste niveau in drie maanden hebben bereikt. Benzine en diesel zijn inmiddels zeven weken op rij duurder geworden.
De aanjager is de internationale olieprijs: Brent-olie steeg in korte tijd boven de 83 dollar per vat, een plus van zo’n 8 procent. Marktdeelnemers reageren op de oplopende spanningen rond Iran en de blokkade van de Straat van Hormuz — een vitale zeeroute waardoor ongeveer 20 procent van de wereldoliehandel loopt — waardoor leveringsrisico’s en dus prijzen omhooggaan.
De hogere pompkosten hebben directe gevolgen voor consumenten: een gemiddelde tank van 55 liter kost nu grofweg 82 euro voor benzine en 79 euro voor diesel. In EU-vergelijking bevindt Spanje zich in het midden: in 13 lidstaten is benzine duurder, in 13 goedkoper; Nederland is met ruim 2,06 euro de duurste lidstaat, Bulgarije met circa 1,23 euro de goedkoopste. Voor diesel ligt de prijs in 20 EU-landen hoger dan in Spanje.
Economisch kan de stijging de inflatie opvoeren (in februari nog 2,3% in Spanje), druk zetten op de ECB-rentepolitiek en leiden tot mogelijke fiscale steunmaatregelen. Ook beurskoersen van energiebedrijven, zoals Repsol (+7%), profiteren direct. Analisten waarschuwen dat de pompprijzen bij aanhoudende spanningen verder kunnen stijgen.