'Caso Koldo' zet Spaanse politiek opnieuw op scherp
In dit artikel:
Het proces rond de zogeheten "caso Koldo" is begonnen bij het Spaanse Hooggerechtshof en heeft de politieke spanningen in Spanje weer opgeschud. In een procedure die uit 13 zittingsdagen bestaat zullen de komende weken meer dan 75 verdachten, getuigen en betrokken ambtenaren worden gehoord; als alles volgens planning verloopt sluiten de pleidooien op 30 april. Spaanse media volgen het proces nauwgezet.
De zaak draait om vermeende corruptie bij de aankoop van mondkapjes tijdens de coronapandemie. Kernpersonen zijn Koldo García, oud-minister van Transport José Luis Ábalos en zakenman Víctor de Aldama. Justitie beschuldigt hen ervan overheidsopdrachten door te sluizen naar bevriende bedrijven in ruil voor geld en andere voordelen, en politieke invloed te hebben gebruikt om aanbestedingen te sturen. Onderzoekers spreken over fraude en belangenverstrengeling die volgens sommige berekeningen tot ruim 182 miljoen euro kan oplopen.
De eerste zittingsdag bracht direct belastende verklaringen. Jéssica Rodríguez, de ex-partner van Ábalos, zei dat zij salaris ontving bij staatsbedrijven zonder daadwerkelijk te werken en langere tijd in een door derden betaalde huurwoning in Madrid verbleef. De broer van Koldo García gaf toe enveloppen met contant geld te hebben opgehaald bij het PSOE-hoofdkwartier; familie stelt dat het om persoonlijke gunsten ging. Daarmee verschuift de zaak van louter mondkapjesdeals naar ook schijnbanen, contante betalingen en netwerkvoordelen rond de PSOE.
Deze week zullen onder anderen Claudia Montes (over haar aanstelling bij staatsbedrijf Logirail) en leidinggevenden van Ineco en Tragsatec worden gehoord. De rechtbank wil achterhalen of aanstellingen en aanbestedingsprocedures zijn gemanipuleerd en of politieke invloed werd misbruikt. Het OM eist zware straffen: tussen 19 en 24 jaar gevangenisstraf voor de hoofdverdachten; aangeklaagde organisaties en burgers die als aanklager optreden vragen zelfs tot 30 jaar.
De zaak heeft niet alleen juridische gevolgen maar zet ook de regeringspartij PSOE onder druk en werpt nieuw licht op de verwevenheid van politiek en bedrijfsleven in Spanje.