Dode agenten en oorlogswapens: Guardia Civil slaat alarm over narco's in Zuid-Spanje
In dit artikel:
Twee Guardia Civil-agenten kwamen recent om het leven tijdens de achtervolging van een narcolancha (een snelle drugsboot) voor de kust van Huelva. Hun dood heeft heftige kritiek losgemaakt op het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken en leidde tot nieuwe waarschuwingen van politie-vakbonden (JUCIL, AUGC) en justitie over het structurele tekort aan middelen, personeel en juridische bescherming in de strijd tegen de georganiseerde drugscriminaliteit in Zuid-Spanje.
Agenten en vakbonden zeggen al jaren te worden ingezet tegenover steeds gewelddadiger en internationaler opererende netwerken in de Straat van Gibraltar, langs de Andalusische kust en nu ook bij de monding van de Guadalquivir en de Atlantische kust richting Portugal. Het Openbaar Ministerie (aanklager Ana Villagómez) stelt dat overproductie in Zuid-Amerika en de doorvoer naar Europa de regio tot een toegangspoort maken, waarbij Spaanse netwerken vooral logistiek werk doen en steeds eerder geweld inzetten om zendingen te beschermen.
Politiebron en bonden benadrukken dat het praktisch onmogelijk is om 60-knopen‑snelheid narcolanchas veilig te stoppen met het huidige arsenaal. Effectieve tactieken zoals gericht schieten op motoren vanuit helikopters zijn juridisch riskant; agenten vrezen vervolging voor buitensporig geweld, zelfs als ze onder vuur liggen. Er is ook een tekort aan niet-dodelijke onderscheppingsmiddelen (bijv. netten voor schroeven, foamkogels, verblindende lichtsystemen), waardoor opsporing vaak neerkomt op gevaarlijke rammanoeuvres of het risico van wapengebruik.
De materiële en personele situatie is schrijnend: volgens bonden zijn er voor meer dan 400 km kust tussen Huelva, Cádiz en delen van Málaga slechts zes à zeven geschikte vaartuigen beschikbaar, terwijl tientallen tot honderden narcolanchas tegelijk op zee kunnen zijn. Er zou een tekort zijn van circa 500 agenten in Cádiz/Algeciras en ongeveer 300 in Huelva.
Recente acties, zoals operatie Itálica 153 Legs/Avant, tonen een verschuiving in schaal en bewapening: netwerken opereerden in Sevilla, Cádiz, Málaga en Huelva; 17 arrestaties, duizenden kilo’s hasj, honderden kilo’s cocaïne en oorlogswapens (onder meer Skorpion‑pistolen en AK‑47‑achtige geweren) werden in beslag genomen. Voor veel agenten illustreert dat de enorme kloof tussen zee‑ en landmacht.
De opheffing van de gespecialiseerde eenheid OCON Sur in 2022 wordt door vakbonden en ex‑agenten sterk bekritiseerd; zij menen dat die maatregel de druk op de regio verhoogde. Politieke partijen (o.a. Partido Popular) beloven herstel van de eenheid bij een nieuwe regering. Agenten eisen ook erkenning van hun beroep als risicoberoep en de instelling van een “Zona de Especial Singularidad” voor het Campo de Gibraltar met extra middelen en vergoedingen.
De afwezigheid van minister Fernando Grande‑Marlaska bij de uitvaart van de omgekomen collega’s heeft woede doen oplaaien binnen de Guardia Civil. Villagómez waarschuwt dat de problematiek inmiddels niet langer alleen een openbare-ordekwestie is maar een nationale veiligheidsdreiging vormt als er niet snel meer capaciteit en bescherming komt.