Geen strafrechtelijk onderzoek naar Mazón om rol bij dana-ramp Valencia
In dit artikel:
Het hoogste gerechtshof van de Valenciaanse regio (TSJCV) heeft unaniem beslist dat er geen strafrechtelijk onderzoek wordt ingesteld naar Carlos Mazón voor zijn rol bij de DANA-overstromingen van oktober 2024, waarbij 230 mensen om het leven kwamen. Daarmee blijft een eerder besluit van 16 maart ongewijzigd en is de beslissing definitief. De onderzoeksrechter in Catarroja had gevraagd om te toetsen of Mazón, toen president van de Generalitat Valenciana en inmiddels parlementslid, als verdachte moest worden aangemerkt in de strafzaak die in die zwaar getroffen gemeente loopt.
Het hof oordeelt dat er geen voldoende sterke, onderbouwde aanwijzingen zijn dat Mazón strafrechtelijk verantwoordelijk handelde. Belangrijke vragen betroffen zijn vermeende betrokkenheid bij het verzenden van de noodmelding Es-Alert op 29 oktober 2024 — een sms-waarschuwing voor burgers — en of hij wettelijk verplicht was zelf operationeel in te grijpen. Volgens het hof is niet aangetoond dat hij persoonlijk de verzending van de waarschuwing bewerkstelligde, en bestond er geen zodanige wettelijke plicht tot ingrijpen dat nalaten tot strafvervolging zou kunnen leiden. Het vonnis benadrukt bovendien dat politieke of bestuurlijke fouten niet automatisch gelijkstaan aan strafbare feiten.
De klachten dat Mazón zijn positie als parlementslid zou hebben misbruikt om zich te onttrekken aan vervolging werden eveneens afgewezen. Het hof merkt op dat hij al sinds 26 juni 2023 lid was van de Valenciaanse Corts en die status dus niet op het laatste moment heeft verkregen.
In een aparte beslissing verwierp het TSJCV ook een klacht tegen de rechter die de DANA-zaak behandelt en tegen haar echtgenoot; daarvoor zijn geen strafbare handelingen aangetoond, hooguit mogelijk procedurele of disciplinaire kwesties.
De uitgebreide strafzaak in Catarroja loopt door: er is een groot dossier met tienduizenden pagina’s, honderden verhoren en meerdere verdachten, waaronder oud-minister Salomé Pradas en voormalig noodhulpchef Emilio Argüeso. Het onderzoek concentreert zich vooral op de timing van de waarschuwingen en welke informatie verantwoordelijken op de rampdag hadden.