Het vergeten ambacht van Spanje: de laatste esparteros
In dit artikel:
Door het droge binnenland van Spanje loopt een grijsgroene grassoort, esparto, die eeuwenlang de basis vormde voor een ambachtelijke industrie. Esparto groeit op schrale hellingen in regio’s als Castilla‑La Mancha, Murcia en Andalusië. Vaklieden, de esparteros, bewerkten de taaie vezels tot alles wat op het platteland nodig was: manden, touwen, matten, muilezelzakken, kaasvormen en zelfs zolen voor schoenen — de voorloper van de espadrilles. Verzamelaars die het gras oogstten werden atocheros genoemd.
Het verwerkingsproces is arbeidsintensief: bladeren worden gedroogd, vervolgens 30–40 dagen geweekt om de vezels soepel te maken en daarna met houten hamers geslagen om de vezelstructuur open te breken. Pas dan kunnen de vezels gevlochten en geweven worden tot duurzame gebruiksvoorwerpen. Ambachtslieden zoals Pedro García leerden het vak al als kind; hij maakt volgens eigen zeggen in ongeveer twee dagen een paar schoenen en noemt esparto “oersterk materiaal”.
De esparto-industrie kende haar hoogtepunt in de jaren veertig en vijftig van de twintigste eeuw. In het naoorlogse Spanje was het goedkoop en praktisch; de staat zette zelfs het Servicio Nacional del Esparto op om productie en handel te organiseren. Vanaf de jaren zestig raakten veel werkplaatsen echter in de problemen door de opkomst van plastics en synthetische vezels: massaproductie en lagere kosten verdrongen traditioneel handwerk en het beroep van espartero nam sterk af. Tegenwoordig zijn er nog maar enkele tientallen vakmensen die de technieken beheersen.
Toch is het ambacht niet verdwenen. In dorpen en kleine ateliers — onder meer in Moral de Calatrava (Ciudad Real), Cieza (Murcia), Crevillent (Alicante) en Úbeda (Jaén) — worden demonstraties, workshops en zelfs musea georganiseerd. De laatste jaren groeit opnieuw belangstelling: ontwerpers en ambachtsliefhebbers waarderen esparto vanwege de natuurlijke, biologisch afbreekbare en onverharde groei (zonder irrigatie) en gebruiken het in meubels, mode en interieurontwerp. Zo krijgt een bijna vergeten rurale traditie een moderne, duurzame tweede adem, en blijft een belangrijk stuk Spaans cultureel erfgoed zichtbaar zolang de esparteros hun handwerk volhouden.