Het vergeten linnen van Galicië: hoe één vrouw een bijna verdwenen ambacht nieuw leven inblaast
In dit artikel:
In het groene, vaak mistige Galicië aan de noordwestkust van Spanje droeg linnen eeuwenlang het dagelijks leven: van kleding en beddengoed tot zakken en matrassen. Het hele productieproces — van het zaaien van vlas tot het spinnen en weven — nam bijna een jaar in beslag en werd vrijwel volledig door vrouwen uitgevoerd. Met de industrialisering, de massale trek naar de steden en de komst van goedkope fabriekskleding raakte die praktijk in korte tijd bijna uitgewist; veel families vernietigden zelfs hun oude spullen als symbool van vooruitgang.
Architecte Lilia Méndez uit Ourense probeert dat verdwenen textielverhaal nieuw leven in te blazen. In haar galerie Ao Domini verzamelt ze minstens vijftig jaar oude linnenstukken die families soms per toeval bewaard hebben — het oudst gevonden stuk dateert uit 1865. Méndez ziet deze objecten als tijdcapsules: doeken met roestsporen, vlekken en ingekapselde zaadjes die de lange levensloop van het materiaal zichtbaar maken. Ze reinigt de stukken, laat ze drogen in de zon en schakelt een lokaal netwerk van borduursters en naaisters in om beschadigingen te herstellen. Ironisch genoeg berust dat herstel vaak op moderne technieken, omdat de oorspronkelijke kennisoverdracht in één generatie stokte.
De productie van linnen was arbeidsintensief: vlas werd wekenlang in water gelegd, gedroogd, gebroken, geplet en gekamd om vezels te scheiden en te sorteren in vier kwaliteiten. Spinnen vond vooral in de winter plaats, bleken in de lente en het weven volgde later; één volledige cyclus kon een jaar duren, wat vaak resulteerde in uitzonderlijk solide en sierlijke weefsels.
Méndez gebruikt de meest waardevolle, fragiele dekens als wandtapijten, maar legt het linnen niet stil in vitrines. Van onherstelbaar of deels beschadigd materiaal maakt ze nieuwe gebruiksvoorwerpen en kleding — kimono’s, blouses, mantels, kussens en plaids — waarmee de vezels een tweede leven krijgen zonder hun historie te verliezen. Daarmee creëert ze een vorm van circulaire mode die niet trendy wil zijn maar geworteld is in respect voor arbeid en materiaal.
De herwaardering van Galicisch linnen raakt aan bredere verlangens naar authentieke, handgemaakte producten en biedt voor veel mensen in de regio een kans om opnieuw contact te maken met een verleden dat te snel als “armlastig” werd afgedaan. Méndez’ werk laat zien dat erfgoed niet per se verdwenen is omdat het irrelevant werd, maar vaak omdat het simpelweg uit het dagelijkse leven verdween — soms ligt het nog steeds veilig opgeborgen op zolders, wachtend op iemand die het herkent.