Juist oude stadsbomen redden levens en niet elke Spaanse stad snapt dat
In dit artikel:
Stadsbomen kunnen sterfte, luchtvervuiling en hittestress helpen beperken, maar vooral wanneer ze de tijd krijgen om oud te worden en hun aantal gestaag groeit. Dat blijkt uit meerdere recente onderzoeken, die het belang onderstrepen van langetermijnbeleid boven het telkens vervangen van volwassen bomen door jonge aanplant.
Onderzoekers analyseerden 801 wijken in Chicago over de periode 2011-2021. Zij vergeleken boombedekking, temperatuur, luchtvervuiling, sociaaleconomische kenmerken en 220.711 sterfgevallen. De totale hoeveelheid bomen op één moment hing niet duidelijk samen met een lagere sterfte. Een jaarlijkse toename van de boombedekking wel: die ging gepaard met 10 procent minder sterfte in het algemeen en 11 procent minder sterfte door luchtwegaandoeningen. Onderzoek in Portland over dertig jaar liet daarnaast zien dat bomen die langer konden groeien, sterker samenhingen met minder hart- en vaatziekten.
Spaanse steden laten grote verschillen zien. Madrid legt met het Bosque Metropolitano een groene gordel van 75 kilometer en een half miljoen inheemse bomen aan, onder meer om hitte-eilanden te verminderen en bosgebieden te verbinden. Barcelona voert sinds 2017 een bomenplan uit tot 2037, waarin het behoud van volwassen bomen naast nieuwe aanplant centraal staat. De geplande 503 superblokken kunnen volgens onderzoek van ISGlobal bovendien de NO2-uitstoot met 24 procent verlagen. Valencia, Europese Groene Hoofdstad van 2024, heeft 419.034 bomen, ruim boven de norm van één boom per drie inwoners. Het negen kilometer lange Parque Turia levert daar een belangrijke bijdrage aan.
Tegelijkertijd kappen Sevilla en Vigo juist veel oude stadsbomen. Sevilla verwijderde vanaf 2015 ongeveer 2.500 bomen, waaronder volwassen exemplaren op centrale pleinen, ondanks de grote hitteproblematiek in de regio. Tijdens de recordzomer van 2022 stierven in de provincie naar schatting meer dan 450 mensen vroegtijdig door hitte. In Vigo bekritiseren milieuorganisaties de kap van volgroeide bomen, terwijl de gemeente vooral wijst op nieuwe aanplant. Volgens de onderzoeken levert die jonge aanplant pas na jaren vergelijkbare gezondheidsvoordelen op.
Ook de locatie van bomen is belangrijk. Een Europese studie onder 744 steden berekende dat elke vijf procentpunt extra boombedekking de concentratie PM2,5 met 2,8 procent, stikstofdioxide met 1,4 procent en zomerse ozon met 1,2 procent kan verlagen. Bij 30 procent boombedekking zouden jaarlijks bijna 12.000 vroegtijdige sterfgevallen kunnen worden voorkomen. Aaneengesloten groene gebieden werken daarbij beter dan verspreide losse bomen.
De zogenoemde 3-30-300-regel — drie zichtbare bomen vanuit huis, 30 procent boombedekking in de buurt en een park binnen 300 meter — wordt in veel Spaanse steden nog slecht gehaald. Zaragoza scoort bijzonder laag; in Murcia en Arrecife ontbreken vaak zichtbare bomen of nabijgelegen parken. Bovendien hebben rijkere wijken doorgaans meer groen. Naast lichamelijke gezondheid hangt stedelijk groen samen met minder stress, meer beweging en een betere mentale gezondheid.
Vandaag Inside: Wilfred, Merel en Dave gaan voor prankcall In de Wandelgangen en bellen Bas Nijhuis en Chris Woerts