Madrid maakt belgeschiedenis met Ceuta openbaar, en die spreekt Vivas tegen
In dit artikel:
De Spaanse regering en de president van Ceuta, Juan Jesús Vivas, verschillen fundamenteel van mening over de vraag of Madrid eind juli tijdig reageerde op de migratiecrisis aan de grens. Vivas verklaarde bij de Audiencia Nacional dat hij tussen 27 en 30 juli tien keer contact probeerde te krijgen met het regeringspaleis, maar slechts drie keer iemand bereikte. Hij sprak naar eigen zeggen pas op 30 juli met premier Pedro Sánchez en omschreef de toestroom van migranten als een “invasie”.
Madrid publiceerde daarop een overzicht van de contacten en zegt dat alle negen geregistreerde telefoontjes zijn beantwoord. Volgens de regering belde Ceuta op 27 juli twee keer over de snel groeiende groep migranten die de grens zwemmend overstak. De enclave vroeg om extra opvang en een snellere overplaatsing naar het Spaanse vasteland. Op 28 juli zou alleen een WhatsApp-bericht zijn ontvangen; een terugbelpoging bleef onbeantwoord. Daarna zou Ceuta tot 30 juli geen contact meer hebben gezocht.
Op die dag sprak Vivas voor het eerst rechtstreeks met Sánchez. De premier bevond zich toen bij een bosbrand in Ávila, maar kondigde later een bezoek aan Ceuta aan. Volgens Madrid ontbreken registraties van de overige oproepen van Vivas. Het kabinet vermoedt dat mogelijk via WhatsApp is gebeld, maar stelt dat Ceuta dan een bericht of voicemail had kunnen achterlaten.
Vivas houdt vol dat alle oproepen geregistreerd zijn en bewijsbaar zullen zijn. De kwestie speelt in een onderzoek van rechter María Tardón naar de gebeurtenissen aan de grens. Zij moet uiteindelijk beoordelen welke lezing klopt. Een nationale noodtoestand werd pas 25 dagen later afgekondigd.
Vandaag Inside: Jurriën Timber over bijzonder moment met broer Quinten: 'Héél speciaal!'