Oorlog Iran raakt Spaanse export voor kamelenraces
In dit artikel:
De oorlog in Iran legt druk op de Spaanse alfalfa-export: door spanningen rond cruciale handelsroutes in de Golf, en de sluiting van de Straat van Hormuz, stijgen transportkosten en neemt de onzekerheid toe. Spanje is de grootste Europese producent en exporteur van gedroogde alfalfa (luzerne); jaarlijks wordt ongeveer 280.000 ton richting Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten verscheept. In 2025 leverde die handel naar schatting 390 miljoen euro op, met prognoses die tot circa 486 miljoen euro in 2030 reiken.
De alfalfa uit de Ebrovallei (Aragón, Navarra, Catalonië) heeft een sterke reputatie vanwege klimaat en droogmethoden: door droging en dehydratie blijft veel blad en eiwit behouden, waardoor het licht verteerbaar is en zeer geschikt voor Arabische renpaarden en racekamelen. Dierenartsen en eigenaars in de Golfregio waarderen de kwaliteit, wat de afhankelijkheid van Spaanse export vergroot.
Tijdstip speelt tegen de telers: het alfalfaseizoen loopt van begin april tot begin november en vereist maandelijkse snedes en regelmatige verzendingen. Spaanse landbouworganisaties melden dat het conflict de sector hard raakt; extra kosten als gevolg van het conflict worden momenteel geschat op ongeveer 41 miljoen euro per week. Veel familiebedrijven hangen financieel af van deze teelt, waarbij verkoopprijzen rond 150–160 euro per ton liggen.
Snelle omschakeling naar nieuwe markten is lastig. Hoewel landen in Azië (zoals China en Zuid-Korea) Spaanse alfalfa waarderen, is het moeilijk de omvangrijke vraag uit de Golfregio op korte termijn te vervangen. Als export tijdelijk stilvalt, kan overproductie in Spanje leiden tot prijsdalingen en economische schade voor producenten.
Als reactie pleiten sectorvertegenwoordigers voor diplomatieke inspanningen met Golfstaten om bestaande contracten en handelsstromen te beschermen. Anderzijds wijzen ze erop dat pogingen van Golfstaten om zelf alfalfa te verbouwen in het verleden faalden door waterschaarste, waardoor de regio voorlopig afhankelijk blijft van geïmporteerd hoogwaardig voer.