Zeven Spaanse steden bundelen krachten om stadstoerisme in goede banen te leiden
In dit artikel:
Zeven Spaanse steden — Barcelona, Madrid, Málaga, San Sebastián, Sevilla, Valencia en Zaragoza — hebben in het stadhuis van Valencia een protocol ondertekend voor de oprichting van een netwerk van stedelijke toeristische bestemmingen. Met dit samenwerkingsverband willen ze hun aanpak van overtoerisme, duurzaamheid, erfgoedbeheer en digitalisering coördineren en kennis structureren die tot nu toe per stad apart werd ontwikkeld.
De aanleiding is helder: in deze zeven centra samen wonen 8,3 miljoen mensen en ontvangen ze jaarlijks circa 29 miljoen toeristen, wat meer dan een kwart van het nationale bezoekersaantal en ongeveer 25% van de toeristische inkomsten van Spanje vertegenwoordigt. De steden zien dat historische binnensteden voller raken, het openbaar vervoer en openbare ruimte onder druk komen te staan en dat onderhoud van monumenten en drukbezochte wijken meer middelen en sturing vraagt. Gemeenten krijgen bovendien een bredere rol dan alleen promotie: ze moeten piekdrukte beheersen, bezoekersstromen spreiden en het evenwicht tussen bewoners en bezoekers bewaken.
Valencia neemt voorlopig de coördinerende rol op zich via Fundación Visit Valencia; deze organisatie faciliteert vergaderingen, interne communicatie en het opstellen van een voorlopig samenwerkingsmodel. Dat model moet de basis leggen voor de definitieve governance, deelnamecriteria voor nieuwe steden en mogelijke financiering van gezamenlijke projecten. Burgemeester María José Catalá vatte de noodzaak samen met de waarschuwing dat steden “niet ten onder [moeten] gaan aan succes”: groei vraagt planning en strategische keuzes.
Het initiatief is vooral een eerste stap. Concrete projecten, bestuurlijke invulling en financiering moeten nog worden uitgewerkt. Als de zeven steden effectief instrumenten vinden om drukte te spreiden en mobiliteit slimmer te regelen, kan dat niet alleen het verblijf aantrekkelijker maken voor bezoekers — ook voor veel Nederlandse en Belgische reizigers — maar dienen zij tegelijk als voorbeeld voor andere Spaanse steden die toerisme willen beheersen zonder de leefbaarheid te verliezen.